De toestand achter de gevangenismuren blijft achteruitgaan, waar wachten we nog op om dit aan te pakken?
15 juli 2025
In een recente opinie in De Morgen klaagt ex-gevangenisdirecteur en Ligaraad-vrijwilliger Hans Claus de toestand achter de gevangenismuren aan.
Hans Claus was gevangenisdirecteur van 1986 tot 2024 en is vandaag voorzitter vzw De Huizen. Claus schrijft klaagt de schrijnende toestanden in onze gevangenissen aan. ‘Repressieve geesten houden nu eenmaal van criminaliteit, durf ik besluiten. Het stelt hen voortdurend weer in hun gelijk.’
Het is alweer een jaar geleden dat ik de zware gevangenispoort definitief achter me dichttrok. Maar zo’n gevangenis laat je niet zomaar los, zeker niet omdat het afscheid zich tegen de achtergrond van een nooit geziene penitentiaire crisis voltrok.
Gisteren nog had ik enkele collega’s aan de lijn. Hun geweeklaag snijdt door merg en been. De toestand achter de muren is er zowaar nog op achteruitgegaan. Ze hebben het opgegeven om de droom te koesteren dat het ooit nog goed komt.
Kan je het hen kwalijk nemen? Zij sluiten hun dag met opluchting af als ze het avondappel kunnen afronden zonder dat een gedetineerde zelfmoord heeft gepleegd of als ze met wat cynische peptalk hun enige parttime psychiater wat langer aan boord wisten te houden. Het doet immers ook wat met een dokter die een selectie moet maken uit de dertig aanvragen voor consult. Bij wie gaat hij aan het loket van de cel eens langs en vooral bij wie niet? In een rustig kantoortje eens goed naar een verhaal luisteren is een praktijk uit de tijd van de beschaving.
In de hitte van de zomer kan elke discussie, over een fout gebruikte tandenborstel bijvoorbeeld, de gemoederen onder celgenoten aardig doen oplaaien. De isoleercellen zitten steevast overvol, soms met nieuwe gedetineerden voor wie elders niet op tijd een matras kon worden bijgeschoven.
Bijna dagelijks overschrijden we de kaap van de 13.000 gedetineerden, terwijl er slechts plaats is voor een goede 11.000.
Overvolle cellen waar celgenoten met elkaar slaags geraken zijn de norm. Mijn collega’s blussen brandjes. Helaas geraakt van tijd tot een ook een van hen mee opgebrand.
RECIDIVEFABRIEKEN
We hebben een nieuwe regering en een nieuwe minister, een regeerakkoord en een beleidsplan. Maar vrolijk word je van die dingen niet. De leiders van ons land kondigen om electorale redenen graag nog wat extra verstrengingen aan.
Toegegeven, in die regeringsteksten staan ook enkele lijntjes die een flauwe belofte inhouden om de overbevolking te lijf te gaan. Na zwaar en aanhoudend lobbywerk vanuit de sector worden zelfs wat nieuwe kleinschalige detentiehuizen, waar wel met mensen gewerkt kan worden, aangekondigd. Tenslotte zijn de klassieke gevangenissen echte recidivefabrieken.
Maar een penitentiaire noodwet die erger moet voorkomen ligt nu pas ter stemming voor. De collega’s houden hun hart vast. Hoe zal de regering de meer dan 4.000 kortgestraften opnieuw in het systeem halen zonder dat het crasht?
Even leek het zelfs dat magistraten die boos waren over de pensioenplannen van de regering die massa van de ene dag op de andere naar de cel zouden sturen. De penitentiaire crisis zou er wel ineens erg zichtbaar door geworden zijn.
Het blijft ondertussen bij pappen en nathouden, bij reclasseringsplannen die versmoord geraken in de dagelijkse overlevingsstrijd op de secties van onze Belgische gevangenissen. Ze zijn inhoudsloze wachtrijen geworden waarin elk menselijk verhaal vervaagt in een statistiek. Alleen wie genot zoekt in wetenschappelijke analyse en de ernst begrijpt die erachter verscholen ligt, pinkt er een traan bij weg.
In het pluche van het parlement en achter de tikmachine van de misdaadjournalist hebben weinigen benul van de schrijnende werkelijkheid achter de muren. Geeft iemand er zich rekenschap van dat de manier waarop wij de langst aanhoudende crisis van dit land onbeheerd laten galopperende recidivecijfers tot gevolg heeft ?
SNOEIHARDE RAPPORTEN
Repressieve geesten houden nu eenmaal van criminaliteit, durf ik besluiten. Het stelt hen voortdurend weer in hun gelijk. Het is een perverse houding, die een beschaving onwaardig is. Helaas tekent ze de sfeer binnen de cenakels waar de beslissingen vallen, met de desastreuze crisis tot gevolg, die ondertussen al een goede dertig jaar aansleept. Men spreekt er koudweg over het wegwerken van de ‘stock’ van niet uitgevoerde straffen, alsof het niet om mensen zou gaan. De scherpe rapporten van nationale en internationale toezichtsorganen zijn snoeihard voor ons land. De stock aan Europese veroordelingen liegt er niet om.
Nochtans. Eind april ging een zoveelste congres over de overbevolking van onze gevangenissen door aan de universiteit in Antwerpen. Voor een keer kwam het initiatief vanuit de magistratuur zelf, van zij die mensen naar de gevangenis sturen en doorgaans zeggen dat de overbevolking niet hun probleem is, maar dat van de uitvoerende macht. Een hele dag lang hebben vertegenwoordigers van de drie machten er zich met gewaardeerde insteek van academische partners over het complexe vraagstuk gebogen. Iedereen verliet de nokvolle aula met het gevoel dat zo’n dialoog, wanneer zij niet bij wijze van proef in een studiedag maar in het echt zou worden aangevat, in een redelijk plan zou kunnen uitmonden.
Waar wachten we dan op? Waarom vinden we de moed niet om op dat elan verder te gaan? Wie kan de vertegenwoordigers van de drie machten rond de tafel halen om de oefening ten gronde te maken? Kan een Koninklijke Commissaris voor de Overbevolking met gezag de verantwoordelijken van de drie machten uit hun loopgraven doen komen?
Want laten we ons geen illusies maken. De geopolitieke spanningen hebben de aandacht voor de penitentiaire crisis wel even naar de achtergrond verdreven, maar deze vergeten crisis komt vroeger dan gewenst in galop terug want de penitentiaire noodwet zal in tegenstelling tot haar naam de penitentiaire nood hoegenaamd niet lenigen.
Reacties worden gemodereerd. Onaanvaardbare inhoud wordt niet gepubliceerd.