Banner

Vrijheidsbeperkende maatregelen op Oudjaar

Het eindejaar is traditioneel een periode van warmte en gezelligheid, maar ging in het verleden helaas ook gepaard met onrust. Vandalisme, overlast en geweld tijdens oudejaarsnacht zijn een terugkerend en onaanvaardbaar probleem.  Burgemeesters en lokale besturen grijpen in die context steeds vaker terug naar creatieve oplossingen om de problemen aan te pakken.

Als mensenrechtenorganisatie is het onze taak om te waken over de mate waarin die oplossingen ook mensenrechtenconform zijn. Dit houdt in dat de genomen maatregelen moeten stroken met fundamentele rechten en de rechtsstaat. Het is vanuit die optiek dat de Liga voor Mensenrechten kritisch is voor bestuurlijk opgelegde avondklokken en huisarresten. De Liga roept gemeenten en steden op terughoudend te zijn wat betreft het invoeren van preventieve vrijheidsbeperkingen en -berovingen.

Huisarresten in Antwerpen

2024

Onder meer de stad Antwerpen heeft in het verleden verregaande preventieve maatregelen genomen. In 2024 vaardigde toenmalig burgemeester van Antwerpen Bart De Wever niet minder dan 47 preventieve huisarresten uit. De geviseerde jongeren kregen het verbod om hun woning tussen 18u en 8u te verlaten en dienden zich fysiek te tonen aan de politie of ander stadspersoneel bij een woonstcontrole. Bij overtreding konden ze administratief worden aangehouden en een GAS-boete krijgen.

Volgens een uitgebreide analyse van de Liga moeten deze huisarresten worden beschouwd als een ongeoorloofde vrijheidsberoving die in strijd is met het mensenrecht op vrijheid en veiligheid. Het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) laat een preventieve vrijheidsberoving om redenen van openbare orde niet toe. Dit geldt zeker wanneer minder verregaande maatregelen hetzelfde doel kunnen bereiken.

Zelfs indien het huisarrest wordt gekwalificeerd als vrijheidsbeperking eerder dan vrijheidsberoving, gelden strenge voorwaarden waaraan in deze context niet is voldaan. Zo voorzien artikelen 133 en 135, §2 van de Nieuwe Gemeentewet, waar de burgemeester zijn bevoegdheid in 2024 op baseerde, geen huisarrest, zodat de noodzakelijke concrete wettelijke grondslag voor een preventief huisarrest ontbreekt. Als bepaalde jongeren in het verleden of tijdens Oudjaar criminele feiten pleegden, dan is het bij voorkeur aan de rechter om straffen op te leggen, niet aan de burgemeester.

Bijna één jaar na datum is de auditeur van de Raad van State kritisch geweest voor een huisarrest opgelegd aan een Antwerpse jongere in 2024. De maatregel was volgens de adviseur mogelijk onzorgvuldig en onvoldoende geargumenteerd. Bovendien stelt de auditeur dat de burgemeester moet aantonen dat een minder ingrijpende maatregel – bijvoorbeeld een plaatsverbod op hotspots – hetzelfde doel niet kan bereiken.

Op 15 december 2025 deed de Raad van State uitspraak ten gronde. Daarbij volgde de Raad deze argumenten van de auditeur niet en oordeelde hij dat het opgelegde huisarrest wettig was. Volgens de Raad gaat het om een vrijheidsbeperkende maatregel waarvoor de Nieuwe Gemeentewet een voldoende wettelijke basis biedt. De uitspraak heeft enkel betrekking op dit specifieke huisarrest en moet worden gezien binnen de context van die ene zaak. Toch zet ze de deur open voor allerlei verregaande en bedenkelijke bestuurlijke vrijheidsinperkingen in de toekomst, zonder een duidelijke wettelijke basis of voorafgaand oordeel van een rechter. In een scherpe opinie waarschuwt advocaat Johan Geerts voor een hellend vlak: “Voor corona − toen allerhande vrijheidsbeperkingen hoogtij vierden − was deze uitspraak volgens ons ondenkbaar geweest. Dit is de slippery slope aan het werk. Enig lichtpuntje is dat de Raad in haar arrest benadrukt dat er sprake moet zijn van een grondig onderbouwd dossier en dat een dergelijke maatregel dan ook niet lichtzinnig mag worden genomen.”

2025

Ook in 2025 pleit de Liga ervoor om de mensenrechten maximaal te respecteren bij het opleggen van oudejaarsmaatregelen. Aan de hand van een ingebrekestelling en een uitgebreide analyse – in december bezorgd aan burgemeester van Doesburg – deed de Liga een duidelijke oproep: leg geen preventieve huisarresten op. Ondanks de analyse van de Liga en de kritische argumenten van de auditeur van de Raad van State, kondigde burgemeester Van Doesburg opnieuw huisarresten aan. Het zou gaan om 17 huisarresten voor jongeren tussen de 14 en de 21 jaar oud. Het lijkt erop dat minstens de oproep van de Liga om zoveel mogelijk proportioneel en preventief te werken deels gevolgd werd: in vergelijking met het jaar voordien krijgt een substantieel lager aantal jongeren in 2025 huisarrest. Ook zou de politie dit jaar bij 40 jongeren met een lager risicoprofiel op huisbezoek zijn geweest om met de jongeren en hun ouders te praten. 4 jongeren ontvingen een formele waarschuwingsbrief. Ondanks deze positieve evolutie worden nog steeds 17 jongeren van hun vrijheid beroofd zonder duidelijk wettelijk kader.

Plaatsgebonden avondklok voor minderjarigen in Anderlecht

Voor de overgang van 2024 naar 2025 besloot burgemeester Cumps voor grote delen van Kuregem om alle -16-jarigen te verbieden na 19u nog op straat te komen. De minderjarigen konden zich in deze wijken enkel nog verplaatsen onder begeleiding van een voogd. Jongeren onder de 16 jaar die op oudejaarsnacht wel op straat zouden komen, konden worden gearresteerd door de politie.

Een plaatsgebonden avondklok voor minderjarigen dient gekwalificeerd te worden als een verregaande vrijheidsbeperkende maatregel. Zoals alle inperkingen van fundamentele vrijheden, moet deze maatregel voldoen aan drie voorwaarden.

Kati Verstrepen: “De eerste voorwaarde is een legitiem doel en daaraan is sowieso voldaan in Anderlecht. Ambulance- en brandweerpersoneel moeten beschermd worden, dat is evident. Het probleem zit hem in de proportionaliteit: waarom álle jongeren onder 16?" De impact van de maatregel moet namelijk in verhouding staan tot het doel dat men wil bereiken.

Daarnaast bestaan er, net zoals bij de huisarresten, ook twijfels over de derde voorwaarde: een duidelijke juridische basis. Zo voorziet de Gemeentewet wel in de mogelijkheid tot een tijdelijk en afgebakend plaatsverbod, doch slechts in onvoorziene omstandigheden. De vraag is of rellen op Oudjaar daaronder vallen. 

Kati Verstrepen: “De vrijheidsbeperking is weliswaar kleiner dan in Antwerpen (waar 47 jongeren d.m.v. preventief huisarrest van hun vrijheid worden beroofd, red.), maar het is een slippery slope. (…) In 2022 kregen 27 Antwerpse jongeren huisarrest op oudejaarsavond, in 2023 waren dat er 31, en nu (in 2024, red.) bijna 50. In Kuregem treffen de maatregelen dit jaar álle jongeren onder 16 jaar.” 

De link met het gebruik van een avondklok in de coronapandemie is snel gemaakt. Men waarschuwde toen dat de drempel in de toekomst lager zou liggen om opnieuw een avondklok af te kondigen. Dat zien we nu gebeuren. De juridische discussie over in welke omstandigheden een avondklok wettelijk te verantwoorden valt, is nog altijd niet beslecht. De kritiek op de avondklok is niet volledig in dovemansoren gevallen. In 2025 komt er geen avondklok in Anderlecht bij de overgang naar het nieuwe jaar. In de plaats daarvan zal repressief worden opgetreden tegen jongeren die daadwerkelijk de openbare orde verstoren.

Antwerpen en Anderlecht: twee verschillende oplossingen, geen enkele mensenrechtenconform

Zowel de Antwerpse huisarresten als de Anderlechtse avondklok zijn verregaande vrijheidsbeperkingen (en in het geval van huisarresten, tevens vrijheidsberovingen) die schuren met fundamentele mensenrechten. Zo wordt het recht op vrijheid (zie bv. Art 5 EVRM), het recht op verplaatsing (art. 2 Aanvullend protocol 4 EVRM) en doorgaans ook het recht op privéleven (art. 8 EVRM) sterk ingeperkt. Deze maatregelen zijn des te problematisch wanneer ze worden opgelegd op preventieve wijze (vooraleer de overlast zich effectief voordoet) en zonder tussenkomst van een rechter. Bovendien zijn de Antwerpse huisarresten niet gebaseerd op een expliciete juridische grondslag, en is een avondklok voor alle -16-jarigen disproportioneel. De Liga verzet zich dan ook tegen het opleggen van dergelijke maatregelen die een gevaarlijk precedent vormen en de scheiding der machten verder onder druk zetten.

Andere, minder verregaande bestuurlijke maatregelen om geweld en overlast aan te pakken moeten voorrang krijgen. Preventie is daarin absoluut onderdeel van de oplossing, maar onderscheidt zich van preventieve repressie (of "prepressie") met bestraffend karakter. De Liga pleit daarom voor werkelijke preventie, een duidelijke scheiding der machten, respect voor de rechtsstaat en een sterke rechterlijke macht. 

Deel deze pagina