Over Hannah Arendt, mensenrechten en de gedachteloosheid van vandaag

06 januari 2021

Tijdschrift voor Mensenrechten sprak met Christophe Busch, directeur van het Hannah Arendt Instituut

       

Geschreven door Michaël Merrigan [*] voor het december 2020 nummer van het Tijdschrift voor Mensenrechten. [**]

Op 27 mei 2020 werd het Hannah Arendt Instituut gelanceerd. Dat richt zich op drie thema’s: diversiteit, verstedelijking en burgerschap. We praten over de geboorte van dit nieuwe instituut met directeur Christophe Busch.

TvMR: Kan u kort voorstellen wat het Hannah Arendt Instituut doet en hoe het daarbij te werk gaat?

CHRISTOPHE BUSCH: Het Hannah Arendt Instituut is gegroeid uit een samenwerking tussen de Universiteit Antwerpen, de Vrije Universiteit Brussel en de stad Mechelen, waarbij de respectieve rectoren Herman Van Goethem en Caroline Pauwels heel belangrijke actoren zijn geweest. Als uitvalsbasis kozen we Mechelen, dat pal tussen de twee universiteiten inligt. Het Instituut wil wetenschappelijk onderzoek in de praktijk brengen, zelf onderzoek uitvoeren, en vormingen voorzien.

We merkten dat rond de thema‘s diversiteit, stedelijkheid en burgerschap veel onderzoek aan de universiteiten ‘opgesloten’ blijft. We willen dat ontsluiten. Wetenschap die betrekking heeft op maatschappelijke thema’s blijkt immers moeilijker te valoriseren dan technologische ontwikkelingen met een duidelijk commercieel belang. Wij willen de verbinding tussen de academische wereld en de praktijk zijn. Ook de universiteiten zijn vragende partij. Hoewel het middenveld en de beleidsniveaus wel gebruik maken van wetenschappelijk onderzoek, gebeurt dat immers niet structureel genoeg. Daarenboven weten de universiteiten vaak zelf niet welk onderzoek er verspreid over hun faculteiten en instituten gebeurt. Wij brengen dat in kaart, en koppelen actoren rond eenzelfde thema. Wat we doen is dus relationeel makelaarschap. Een goed voorbeeld is dekolonisering: er zijn veel initiatieven, maar men weet van elkaars bestaan niet af, of er is maar een beperkt bereik. Wij dragen dan bij aan impactvergroting.

Daarnaast doen we ook zelf beleidsgericht onderzoek. Op dit ogenblik lopen er onderzoeken omtrent sociale participatie,  politie en diversiteitsbeleid, online polarisatie, en over sport en sociale verbinding. Ten slotte organiseren we ook vormingen. Dat kunnen zowel individuele vormingssessies zijn, als uitgewerkte trajecten.

TvMR: Jullie kiezen met Hannah Arendt voor een opvallende naam. Hoe is zij een inspiratie voor de maatschappij vandaag?

CHRISTOPHE BUSCH: Haar relevantie vandaag is erg groot. Veel van wat zij beschreven heeft, is vandaag weer in opgang. Opnieuw voltrekken zich processen van afglijdende referentiekaders, is er een toegenomen toxische polarisatie, en is er een vervaging van het onderscheid tussen feit en fictie. De uitdagingen van vandaag zijn niet volledig dezelfde als in haar tijd, maar doen toch denken aan de beginstadia van periodes waarin het erg is misgelopen. Hannah Arendt bestudeerde de Holocaust vanuit de vraag wat de onderliggende mechanismen in het denken van mensen waren, in politieke structuren, en vanuit de noodzaak om verantwoordelijkheid nemen. Zij kan als politiek denkster functioneren als kompas, zodat we vandaag beter reageren dan toen.

TvMR: Één van de bekendste ideeën van Hannah Arendt, de ondertitel ook van haar boek over Eichmann, is die over de banaliteit van het kwaad. Hoe krijgt die banaliteit vandaag vorm?

CHRISTOPHE BUSCH: Hannah Arendt is vaak misbegrepen als het over die ondertitel ging. We moeten dus voorzichtig zijn. De kern van de idee heeft echter te maken met gedachteloosheid. Arendt schreef veel over kampen, en heeft zelf in een Frans interneringskamp gezeten. Ze ging daarbij uit van de driedeling ‘hades’, ‘vagevuur’ en ‘hel’. In eerste instantie is er de hades: een kampstructuur komt tot stand om een bepaald probleem aan te pakken. Denk bijvoorbeeld aan het migratieprobleem, waarbij een kamp het probleem aanpakt door een – met prikkeldraad – afgebakende ruimte te creëren. Dat kamp is eigenlijk de normalisatie van de uitzonderingstoestand; men is weg van zijn land, men migreert. Die plaatsen kunnen echter afglijden in iets anders – in het vagevuur, of in de hel. Zo kende de Weimarperiode ook vluchtelingenkampen. De nazis die daarna aan de macht kwamen, gebruikten maakten er concentratiekampen van. Guantanamo is trouwens ook begonnen als vluchtelingenkamp. Men creëert dus iets, maar dan verandert de context, en de infrastructuur gaat een ander doel dienen. Uiteindelijk resulteerde dat in nazi-Duitsland in de hel, namelijk de vernietigingskampen.

Ik denk dat Hannah Arendt vandaag niet zozeer zou wijzen op de finaliteit van het concentratiekamp, maar op het afglijdend potentieel. Kijk maar naar Moria en andere kampen aan de grenzen van Europa: het begint als vluchtelingenkamp, maar wordt gaandeweg het vagevuur en de hel. We zien daar vandaag, opnieuw, hoe een instrument gebruikt wordt om een bepaalde situatie op te lossen, hoe dat de situatie normaliseert, en hoe dat vervolgens afglijdt.

De banaliteit van het kwaad is de gedachteloosheid, het gebrek aan besef van wat je verantwoordelijkheid of deelverantwoordelijkheid is ten opzichte van het systeem waarin je leeft.

“Ik denk dat Hannah Arendt vandaag niet zozeer zou wijzen op de finaliteit van het concentratiekamp, maar op het afglijdend potentieel.”

CHRISTOPHE BUSCH: Ook klimaatverandering past hierin. Die zal een grote impact hebben op de migratie-uitdagingen waar we voor staan. We weten uit de geweldpatronen uit het verleden, en waar die zich manifesteerden, dat er meer migratie- en klimaat-geïnduceerd geweld zal zijn. Dat geweld zal zich situeren in die kampen in de grensgebieden. We zien daar nu al het beginstadium van. Verantwoordelijkheid nemen in zo’n situatie wil zeggen: investeren in een migratie- en vluchtelingenbeleid. We moeten normen en waarden valoriseren, die in verdragen gieten, en zo creatief mogelijk proberen deeloplossingen te vinden. Dé oplossing bestaat niet. Maar deeloplossingen zijn wel mogelijk. Verder moet je ook een gedegen klimaatbeleid voeren. Zo zouden we op internationaal niveau moeten nadenken over klimaatmisdrijven. Dat is weliswaar juridisch niet evident, maar broodnodig. De beleidsbeslissingen van vandaag hebben een dramatische impact op uitdagingen die eraan komen, met potentieel veel doden tot gevolg. De vraag is dus: in hoeverre gaan wij, ieder van ons, verantwoordelijkheid nemen en eisen dat er maatregelen genomen worden? We hebben hier in het Westen de luxe dat we nog kunnen wegkijken. Dát is die banaliteit van het kwaad. Ik zeg niet dat je hele dagen met die miserie bezig moet zijn, maar we moeten ons wel de vraag stellen welke verantwoordelijkheid we daarin willen nemen. Die verantwoordelijkheid begint bij het individu, en eindigt bij grote geopolitieke besluitvorming.

“De banaliteit van het kwaad is de gedachteloosheid, het gebrek aan besef van wat je verantwoordelijkheid of deelverantwoordelijkheid is ten opzichte van het systeem waarin je leeft.”

TvMR: Wij leerden op school nooit over Hannah Arendt. Schiet het onderwijs tekort?

CHRISTOPHE BUSCH: Absoluut, en we willen daarom ook inzichten aanreiken. Na de Tweede Wereldoorlog kenden we in het Westen een vooruitgangsoptimisme, was er sprake van een mensenrechtenbewustzijn. We ontwikkelden het internationaal strafrecht, allerhande verdragen, en er was een harmoniserende tendens in de Europese politiek. De voorbije jaren zien we een omslag. We leven nu in een erg diverse samenleving, met botsende referentiekaders en multiperspectiviteit. Vroeger kon je van een holocaustmuseum zeggen ‘dat is onze geschiedenis’. Maar wat is ‘onze geschiedenis’, als er mensen uit Soedan naar dat museum komen? Zij hebben net zelf een genocide achter de rug. Hoe verhoudt hun geschiedenis zich dan tot het verhaal in dat museum? Thema’s zoals burgerschap zijn dan essentieel. Ze zijn vandaag wel aanwezig, maar nog steeds te weinig. Je hebt burgerschap, diversiteit en geschiedenis nodig om je heden en verleden te begrijpen. Hoe kan je de precaire situatie van iemand uit de Afrikaanse diaspora begrijpen die boos wordt om Zwarte Piet, als je niet weet wat het koloniale verhaal van België is? Die basisingrediënten moet je als kind meekrijgen, en onderhouden wanneer je volwassen bent. Dat is een eeuwigdurende opdracht.

TvMR: Zijn we, na het rechtendiscours van de 20ste eeuw, in een tegenbeweging terecht gekomen?

CHRISTOPHE BUSCH: Er is een enorme individualiserende tendens, zeker in het Westen. Na 1945 was het evident dat er moest worden ingezet op mensenrechten. Dat was toen evident want de geschiedenis waarin miljoenen doden vielen was recent. Vandaag zien we dat, zeker in een land zoals België, die rechten als vanzelfsprekend beschouwd worden. Ik moet daarbij vaak denken aan De Ideale Wereld. Men vroeg daarin welke mensenrechten, in het kader van een upgrade, dienden te worden toegevoegd, en welke ter compensatie moesten worden weggelaten. Een man antwoordde: het recht op wifi moet erbij! Dat is eigenlijk geen onzinnig antwoord. Maar dan kwam het vervolg: het verbod op foltering moest eruit ‘want wij doen dat niet meer’. Dat is toch boeiend! Die illusie dat wij ons niet meer aan dergelijke praktijken bezondigen… en dat terwijl België nog steeds fel bekritiseerd wordt voor de manier waarop het geïnterneerden behandelt. We zijn in België opgegroeid in relatieve welvaart. Er is al zeker twee generaties geen ervaring van wat oorlog is. We hebben daardoor afstand genomen van de realiteit die aan de basis lag van mensenrechten. Mensenrechten, die zijn nu voor de ‘andere’ landen die ze nog schenden.

TvMR: Een groot deel van de polarisering lijkt zich echter ook af te spelen tussen zij die mensenrechten voorstaan en zij die mensenrechten, zoals wij die nu kennen, in meerdere of mindere mate afwijzen. Klopt dat volgens u? Zo ja, valt die kloof politiek te overbruggen?

CHRISTOPHE BUSCH: Er is inderdaad een duidelijke tendens waarbij het mensenrechtendiscours in andere gepolariseerde discussies gebruikt en misbruikt wordt. We moeten dus zorgen dat de kern van dat discours bewaard blijft. Belangrijk is dat we dat niet op een moralistische wijze doen. Je kan, als het gaat over gedragsveranderingen, een positieve en een negatieve beïnvloedingsstrategie hanteren. Bij een positieve strategie wordt de beloning gestimuleerd. Bij een negatieve wordt de pijn geaccentueerd. Een goed voorbeeld van dat laatste vinden we in Brazilië. Na de verkiezing van Bolsonaro begon men op een bepaald moment sommige scholen te militariseren. Daarop reageerden aanhangers van Bolsonaro boos: ‘dáár hebben we niet voor gekozen!’. Dan zeg ik: je hebt daar wél voor gekozen, al heb je misschien niet goed begrepen waarvoor je gekozen hebt. Dat gesprek moeten we dan hebben. Je ziet nu een grote groei aan rechts-conservatieve en zelfs radicaal-rechtse stellingnames. Dat zijn zaken waarover ik bezorgd ben. Het is echter belangrijk de reële frustratie die aanleiding geeft tot dergelijke keuzes, te capteren. We moeten ons afvragen waarom mensen kiezen voor populistische figuren. Als je naar de individuele levens kijkt van die kiezers, zie je heel boeiende verhalen. Zij reageren vaak vanuit een heel precaire en ongelijke armoedesituatie. Je moet daar iets mee doen.

TvMR: Bij de aanpak van de covid-crisis lijken niet-democratische landen op het eerste gezicht effectiever te kunnen ingrijpen. Vormt dat een bedreiging van het liberaal-democratisch model?

CHRISTOPHE BUSCH: Daar gevaar bestaat inderdaad. Je moet die zogenaamde succesverhalen wel grondig controleren. Veel landen zijn erg creatief met hun cijfers. België is vermoedelijk te eerlijk. Maar dat neemt niet weg dat zich inderdaad een probleem stelt. Het probleem dat ik vooral zie is dat, om greep te krijgen op grote crisissen, veel mensen bereid zijn om fundamentele rechten snel op te geven voor een illusie van veiligheid. Een noodtoestand, bijvoorbeeld, kan een goed middel zijn om een crisis te bezweren, maar die hoort afgebakend te zijn. Indien men in de plaats daarvan op lange termijn grote wijzigingen doorvoert, bijvoorbeeld met betrekking tot de voorhechtenis, is dat problematisch. We moeten durven uitleggen dat bepaalde garanties er zijn om onschuldigen te beschermen, niet zodat daders hun verantwoordelijkheid kunnen ontvluchten.

Dictatoriale regimes kunnen, geconfronteerd met grote problemen, inderdaad sneller schakelen. Maar de prijs die daarvoor betaald wordt, wordt te weinig belicht. De bereidwilligheid die we hier vaak zien om grondrechten te laten uithollen, komt voort uit het gevoel van relatieve veiligheid dat wij hebben tegenover de overheid. Kijk naar Hongkong en je ziet dat fundamentele rechten zeer snel kunnen afbrokkelen.  Over die keerzijde moeten we het meer hebben. Als we bijvoorbeeld over China praten, moeten we meer durven spreken over de politieke repressie, het gebrek aan vrijheid van meningsuiting, en over de manier waarop de Oeigoeren behandeld worden.

“De bereidwilligheid die we hier vaak zien om grondrechten te laten uithollen, komt voort uit het gevoel van relatieve veiligheid dat wij hebben tegenover de overheid.”

Wij hebben de illusie dat de overheid altijd goed is. De overheid is niet altijd goed. We moeten dus de reflex cultiveren: wat kan er mislopen? Dat geldt overigens niet alleen voor de politiek, maar ook voor de wetenschap. Denk maar aan de risico’s van artificiële intelligentie. Dát is de verantwoordelijkheid die we moeten opnemen. De geschiedenis is hierbij onze raadgever. Macht, machtsmisbruik en het potentieel tot afglijden zijn immers universeel, en zijn al goed beschreven.

TvMR: Welke conclusie zou u willen meegeven aan onze lezers?

CHRISTOPHE BUSCH: Multiperspectiviteit en betrokkenheid creëren temidden van een diversiteit aan mensen die de logische neiging tot rivaliserend gedrag hebben. Dat is de overkoepelende uitdaging waar onze wereld voor staat. Ik denk aan de woorden van de Amerikaanse burgerrechtenspecialist John A. Powell, die spreekt van building belonging in a time of othering. Dát is onze verantwoordelijkheid vandaag.

[*] Michaël Merrigan is lid van de redactie van Tijdschrift voor Mensenrechten.

[**] Dit stuk verscheen als interview in het Tijdschrift voor Mensenrechten in december 2020 (nr.4, pp. 21-24). Vond je het interessant en wil je nog meer lezen? Abonneer je dan op het Tijdschrift voor Mensenrechten. Het Tijdschrift voor Mensenrechten is een uitgave van de Liga voor Mensenrechten en komt vier keer per jaar uit. De redactie is autonoom.

Reageer

Reacties worden gemodereerd. Onaanvaardbare inhoud wordt niet gepubliceerd.

Nieuwsbrief

Lees hier onze laatste nieuwsbrief en blijf op de hoogte van alle interessante mensenrechtenweetjes.
Schrijf je in en ontvang de nieuwsbrief viermaal per jaar gratis in je mailbox.